Boodschappen

Vrolijk, behulpzaam, zorgzaam en punctueel.

Mantelzorg

Punctueel

Precies op tijd sta ik op de stoep bij mevrouw. Mevrouw is blij dat ik altijd op de afgesproken tijd bij haar ben.

Ik bel beneden aan, de deur gaat open ik ga de drie trappen op naar haar voordeur. “Heel fijn dat je er bent, er zit zoveel vuilnis in de zak, zou je die willen weggooien?” “Natuurlijk” zeg ik. “zal ik gelijk het papier en plastic meenemen?” In Amsterdam moet alles gescheiden worden ingeleverd,  “graag” zegt ze. Ik zoek al het afval bij elkaar en neem het mee naar beneden. “Vergeet je de sleutels niet?” Ik heb ze al in mijn broekzak zitten, en ga naar beneden.

Bed opmaken

“Zal ik uw bed even opmaken? Dan kunt u straks gelijk een dutje doen”, “dat zou heel fijn zijn” zegt mevrouw. Ik ga aan de slag met het bed, pak ook nog even de stofzuiger en maak de rest schoon. Ik hang de was, buiten op het balkon op. Als de was hangt gaan we eerst een kopje thee drinken.

Boodschappen

“Ik heb een hele waslijst voor de boodschappen”, “eerst gaan we naar de bakker, daarna de kaaswinkel” zegt mevrouw. “Daarna wil ik ook nog even naar de supermarkt voor wat boodschappen”. We pakken haar tas in met haar agenda en boodschappen briefje, flesje water voor onderweg “je weet maar nooit, je moet altijd water bij je hebben” zegt ze.

Ik mag in haar auto rijden, mevrouw geeft dan aanwijzingen. Hier links ja ga maar rechtdoor etc.

Bakker

Bij de bakker staat een rij, ” wil jij er even gaan staan? dan blijf ik nog in de auto zitten, ik kan niet zo lang staan”,  “natuurlijk” zeg ik, en ik sluit achteraan in de rij aan. De rij is erg lang omdat er maar 2 mensen naar binnen mogen. Dit komt doordat er nog steeds Corona heerst. Anderhalve meter is nu de richtlijn volgens het RIVM, ook bij de bakker. Als ik bijna aan de beurt ben komt mevrouw uit de auto, en geef ik haar de boodschappentas. Ze gaat gelijk door naar de kaaswinkel, die naast de bakker is. Gelukkig is daar geen wachtrij. Ik stap uit om haar tassen, met boodschappen, aan te pakken en zet deze in de auto.

Supermarkt

We rijden verder naar de supermarkt, hier moeten de andere noodzakelijke boodschappen gehaald worden. We nemen een winkelwagen en gaan naar binnen. Mevrouw leest haar boodschappenbriefje voor, het is niet zoveel hoor “melk, boter en een bakje aardbeien”  zegt zeg. We leggen de boodschappen in de kar. Langzaam loopt ze achter de kar door de supermarkt naar de kassa. Ik neem haar tas mee en zet het in de auto.

Thuis

Eenmaal thuis ruim ik de boodschappen op en maak haar lunch klaar. Mevrouw is erg moe en als haar lunch op is gaat ze gelijk naar bed. “Tot woensdag” zeg ik en doe de deur achter mij dicht.

Gerelateerde artikelen

Mantelzorg